Hypotheekrente voor ondernemers en ZZP'ers

De hypotheekrente voor hypotheken voor ondernemers en ZZP'ers kan nog wel eens verschillen van particuliere hypotheken. Lees hier waarom en hoe dit in zijn werk gaat.

Ondernemershypotheken worden over het algemeen in een risicocategorie geplaatst. Deze risicocategorie bepaald de maximale verstrekking en de bijbehorende hypotheekrente. Het kan namelijk zomaar zijn dat, in de meeste gevallen door een gebrek aan voldoende jaren ondernemerservaring, er slechts een deel van de noodzakelijke financiering wordt gehonoreerd.

 

De berekening van de hypotheekrente door een geldverstrekker is vaak gebaseerd op risico inschatting. Hoe hoger het risico, hoe hoger de zogenoemde risico opslag. Dit gegeven werd erg duidelijk aan de hand van hypotheken die in het verleden - door het inmiddels ter ziele gegane Elq hypotheken - aan mensen met een BKR verleden of mensen met beperkte jaarcijfers werd aangeboden. Deze ‘subprime hypotheken’ werden ook in Nederland aangeboden en men betaalde hier dan in veel gevallen voor een drie jaar rentevastperiode al gauw 8% op jaarbasis. Erg hoog in relatie tot de reguliere tarieven, maar er was ook een verhoogd risico, zodoende was de risico opslag aanvaardbaar.

 

Ook in reguliere hypotheekverstrekking is sprake van risico-, en topopslagen. Dit zijn opslagen die het risico voor de geldverstrekker als het ware afkopen. Wanneer we echter alle executieveilingen van de afgelopen jaren in ogenschouw nemen, dan valt de risico opslag nog erg mee.

 

In veel gevallen wordt bij hypotheekverstrekking aan ondernemers en ZZP'ers een verhoogd risico ingecalculeerd. Dit verhoogd risico komt terug in de vorm van een hogere hypotheekrente dan wanneer men in loondienst zou zijn. Soms is dit krom. In veel gevallen is het, als men er goed over nadenkt terecht. Want er gaan meer ZZP'ers failliet. En een ZZP'er loopt over het algemeen meer risico.

 

De ZZP'er is hier zelf bij en kan het risico verkleinen door een aantal maatregelen te nemen. Deze maatregelen hebben over het algemeen betrekking op de bestendigheid van het inkomen en de juridische status van de onderneming. Wanneer deze worden aangepast, neemt het risico voor de geldverstrekker af en kan het zomaar zijn dat de risico opslag minder wordt of zelfs in zijn geheel verdwijnt.